Hoe kijken we naar Smart Mobility?

Vier verschillende percepties

De ontwikkelingen van smart mobility volgen elkaar razendsnel snel op. In de wereld van verkeer en vervoer is smart mobility een populaire term, maar hoe kijken verschillende stakeholders naar deze nieuwe ontwikkelingen? Wat is er nodig om innovaties te laten slagen? Hoe verloopt de samenwerkingen? En is er überhaupt wel behoefte aan nieuwe initiatieven? We vroegen een expert, ambtenaar, gebruiker en werkgever om hun eigen kijk op deze vraagstukken met ons te delen.

Isabel Wilmink, TNO
Isabel Wilmink is als onderzoeker bij TNO thuis in verkeersmanagement en intelligente transportsystemen. Wat Wilmink ziet is dat diverse partijen zoals de markt, overheid en gebruikers te weinig kennis delen van hetgeen dat al is gedaan. “We streven ernaar om tijdens een pilot ontwikkelingen goed bij te houden. Daarin speelt een goede evaluatie en het meenemen van leerpunten een belangrijke rol. In de vervolgstappen is het van belang om leerpunten op een juiste manier te verwerken, en daar valt in Nederland nog veel winst te behalen.”

Bij een probleemstelling wordt er gewerkt met de evaluatiecirkel die er van uit gaat dat er na het vaststellen van het probleem een oplossing wordt gezocht. “Rijkswaterstaat en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat zijn hard aan de slag om de evaluatie van grotere projecten methodischer aan te pakken en kennisdeling beter te implementeren. Tijdens de evaluatie wordt niet alleen gesproken over de successen maar juist ook de geleerde lessen. Op basis van de leerpunten kun je het vervolgtraject een stuk efficiënter inrichten”, verklaart Wilmink.

Door successen inzichtelijk te maken kunnen concepten die echt nuttig zijn beter doorontwikkeld en uitgevoerd worden. “ Smart mobility concepten hebben kans van slagen, mits ze goed doordacht zijn en er duidelijk wordt gekeken naar de behoefte in een gebied.”

Monique Monster, De Verkeersonderneming
“Wat wij als Verkeersonderneming proberen is om overheid, markt en andere relevante stakeholders bij elkaar te brengen en gezamenlijk op te laten trekken in diverse projecten. Op die manier voegen wij waarde toe aan innovatieve processen, zoals Mobility as a Service.” Monique Monster is als secretaris, woordvoerder en coördinator communicatie op diverse manieren betrokken bij deze processen.

“Je ziet dat innovaties vooral vanuit de technologie worden aangevlogen. Veel partijen houden zich bezig met het realiseren van technieken en het werkbaar maken van concepten . Er wordt echter geen onderzoek gedaan naar wat de reiziger hiervan vindt, terwijl dat uiteindelijk de gebruiker is.“ verklaart Monster.

Hiervoor hebben De Verkeersonderneming en SmartwayzNL een slimme oplossing bedacht. Een database bestaande uit inwoners die affiniteit hebben met mobiliteit. “Door middel van kwalitatief en kwantitatief onderzoek krijgen we meer inzicht in de motieven en behoeften van de reizigers in onze regio. Deze data kunnen we geanonimiseerd delen met partijen omdat we het belangrijk vinden dat de inzichten die we ophalen een bijdrage leveren aan succesvolle pilots, diensten en innovaties.”

Daan Zegwaart, Schiphol Real Estate
Rotterdam The Hague Airport is met de auto goed bereikbaar, maar met andere vervoermiddelen kom je een stuk minder makkelijk bij de luchthaven. Tijdens de zoektocht naar een passende oplossing kwamen de mogelijkheden van Mobility as a Service (MaaS) voorbij. Om reizigers en werknemers nóg beter te faciliteren in hun reis naar de luchthaven, is er een maand geëxperimenteerd met het MaaS concept.  De pilot, begeleid door Daan Zegwaart, kwam tot stand in een samenwerking tussen Schiphol Real Estate, Rotterdam The Hague Airport, de Metropoolregio Rotterdam Den Haag en De Verkeersonderneming.

“In de onderzoeksfase hebben wij online de MaaS dienst aangeboden aan werknemers op het business park en aan passagiers, zonder dat deze daadwerkelijk bestond. Uit deze validatie bleek dat beide groepen erg zaten te wachten op zo’n oplossing en daarmee de huidige bereikbaarheid als een probleem ervaarden. Uiteindelijk waren de respondenten teleurgesteld dat we deze dienst (nog) niet konden aanbieden”, aldus Zegwaart.

De luchthaven is vervolgens een pilot gestart met werknemers van het businesspark. De bedrijven op de luchthaven is gevraagd om hun medewerkers te enthousiasmeren voor de proef. “Uiteindelijk hebben we 15 deelnemers gebruik laten maken van een MaaS-aanbod, bestaande uit een combinatie van een deeltaxi en een NS Business Card.”

Volgens Zegwaart heeft MaaS zeker kans van slagen. “We hebben op een aantal punten wel dingen geleerd die van belang zijn voor grootschalig gebruik. Zo zijn de ov verbindingen niet overal optimaal. Een concept zoals de deeltaxi is bij de meeste deelnemers goed bevallen, maar daarbij heeft de voorkeur om te verzamelen bij een trefpunt en vanaf daar met de taxi direct naar de luchthaven te reizen. Verder zie je dat er wel wat volume nodig is om met name de deelsystemen binnen MaaS slim en efficiënt te maken. Ondanks dat we rekening hebben gehouden met het matchen van woonlocaties, bleek in de praktijk dat de werktijden (shifts) van de bedrijven te veel verschillen. Een oplossing daarvoor zou kunnen zijn om meerdere bedrijven te laten samenwerken en kijken of werktijden op elkaar afgestemd kunnen worden.” De luchthaven start op korte termijn met een proef onder reizigers. “ Hoe deze er precies uit komt te zien is nog niet helemaal duidelijk. Later dit jaar staat de casus van de luchthaven centraal in een van de regionale pilots van het Ministerie van Infrastructuur & Waterstaat over MaaS. De kennis die we halen uit de experimenten die we gedaan hebben en gaan doen gebruiken we om zo goed mogelijk voorbereid te zijn voor deze pilot.”

Marianne de Graaf, Rotterdam The Hague Airport
“Het duurzame aspect van Mobility as a Service spreekt mij enorm aan. Om die reden wilde ik best mijn auto vier weken laten staan”, zegt Marianne de Graaf. Als medewerker van Rotterdam The Hague Airport deed zij mee met het MaaS experiment.

“Ik heb wisselende diensten. Mijn late dienst eindigt om 24.00 uur. Zijn er vertragingen, dan is mijn dienst pas rond 01.30 uur klaar. Met de fiets ’s morgens vroeg komen of in de nacht naar huis gaan is geen optie. Vandaar dat ik altijd de auto neem. Vanaf mijn woonplaats Berkel en Rodenrijs duurt de rit slechts een kwartier, tijdens de MaaS pilot een half uur. Dat is te overzien. Lastig was het dat tijdens mijn weekenddiensten de aansluitingen minder goed waren. Dan komt er slechts één keer per uur een bus voorbij. Die frequentie zou wat mij betreft omhoog kunnen.”

Tijdens de proef pakte Marianne de bus, de randstadrail en weer een stukje de bus. “Als ik vroege dienst had of juist laat stopte, nam ik een deeltaxi. En die kwam exact op de afgesproken tijd voorrijden.De pilot bracht mij veel gemak. Dat is mij wel wat waard. Je hoeft zelf niet meer achter het stuur te kruipen; je laat je lekker rijden. Als de aansluitingen van het ov beter zijn en bussen op sommige tijdstippen wat frequenter rijden, zou ik best mijn auto de deur uit willen doen. Aan de andere kant werd, vanwege de proef, de taxi nu betaald. Een ritje van, zeg, € 25,- is best prijzig elke dag.”

Over ons

De Verkeersonderneming is in 2008 opgericht door het ministerie van Infrastructuur & Waterstaat, gemeente Rotterdam, Metropoolregio Rotterdam Den Haag en het Havenbedrijf Rotterdam, met als doel het bereikbaar houden van (haven, stad & regio) Rotterdam.